Miguel
Foto: Stacii Samidin

Ik kom uit de Zeeheldenbuurt maar was voornamelijk te vinden in de Nieuwmarktbuurt. Met een groep vormden we een tijdje een gang. We vergaarden behoorlijk wat status op straat. De groep waarin ik zat was hecht en loyaal aan elkaar, vormde een bescherming tegen de samenleving die je niet moest. Dan ga je je eigen regels maken, ook om te overleven. Toen ik een jaar of negentien was kreeg ik tot mijn verbazing wel een kans in de maatschappij: een baan in de ICT. Ik stond op een kruispunt, doorgaan met het straatleven of me verder in ICT verdiepen. Ik zou nog een laatste klus doen met mijn vrienden. Maar het liep die keer totaal uit de hand.

In mijn woorden zit mijn strijd en worsteling, dat maakt dat het bij de jongens binnenkomt.

De gevangenis is voor veel jongens een plek waar je nieuwe contacten op doet, waar je je voorbereid op de volgende klus als je vrijkomt. Je krijgt van jongens een telefoonnummer, voor als je vrijkomt, weet je. Maar niet voor mij. Ik heb aan mezelf gewerkt, therapie, inzichten opgedaan, mijn beschermingen laten vallen. In het begin wordt daar door de jongens raar naar gekeken, maar na een tijdje krijg je waardering. Komen jongens naar je toe voor advies: ze weten dat je geen spelletje speelt. Ik wil mijn leven nu wijden aan het begeleiden van jongeren. Dat ze niet dezelfde fouten maken als ik.

Ik ben ADAMAS dankbaar dat ik de kans krijg dat te doen. Ik deel mijn ervaring, ik sta naast de jongeren met compassie, ik vertel ze hoe snel het mis kan gaan en hoe je dan een groot deel van je leven kunt vergooien. In mijn woorden zit mijn strijd en worsteling, dat maakt dat het bij de jongens binnenkomt.